Beleidsplan 2017-2020

Eind 2016 heeft de Raad voor Cultuur een positief advies uitgebracht over het beleidsplan 2017-2020 van Het Nieuwe Instituut. Het instituut zal met hetzelfde engagement als in de eerste beleidsperiode gestalte geven aan zijn gelaagde opdracht. Een opdracht die er onder meer op is gericht de transitievraagstukken van vandaag op basis van architectuur, design, digitale cultuur en de huidige crossovers zichtbaar te maken en van een kritische context te voorzien.

Aan de hand van een terugblik verschaft dit beleidsplan inzicht in de lessen die het instituut uit zijn korte geschiedenis heeft getrokken. En vervolgens geeft het aan hoe inzichten en ervaringen bijdragen aan een nader aangescherpt en  geconcretiseerd programma voor de komende jaren.

Creativiteit als noodzaak 2013

In 2012 bracht de Raad voor Cultuur een positief advies uit over het beleidsplan Creativiteit als Noodzaak, het oprichtingsdocument van Het Nieuwe Instituut. Voorwaarde was wel dat de instelling in 2013 een aanvullend plan zou presenteren. Die aanvulling is met instemming ontvangen. Een uitgebreide samenvatting is nu te downloaden in PDF-formaat.

In het document geeft directeur Guus Beumer inzicht in de inhoudelijke ambities van Het Nieuwe Instituut die in drie meerjarige programmalijnen rond de grote thema’s materie (De Dingen en De Materialen), ruimte (Landschap en Interieur) en tijd (onderwerpen die door het lopende kalenderjaar worden ingegeven) worden ontwikkeld. Ze vormen het fundament voor een integraal programma, waarin architectuur, design en digitale cultuur en multidisciplinaire projecten een plaats hebben.

Fusie 2013

Het Nieuwe Instituut is ontstaan op 1 januari 2013 uit een fusie van het Nederlands Architectuurinstituut (NAi), Premsela, Nederlands Instituut voor Design en Mode, en Virtueel Platform, kennisinstituut voor e-cultuur. Aanleiding voor de fusie was de kamerbrief Meer dan kwaliteit: een nieuwe visie op cultuurbeleid van Halbe Zijlstra van 10 juni 2011. Het onderbrengen van de verschillende ontwerpdisciplines in één instelling sloot in de visie van de staatssecretaris aan op de groeiende onderlinge beïnvloeding van de werkvelden in deze sector.