Consument als game changer

Na de presentaties werden actiepunten geformuleerd die moeten leiden tot een ethisch en ecologisch meer duurzame mode. Daarbij werd duidelijk dat de consument een belangrijke rol speelt: die van de game changer. De klant moet zich meer bewust worden van zijn verantwoordelijkheid. Ontwerpers en producenten kunnen hierbij helpen, bijvoorbeeld door duurzame mode aantrekkelijk te maken en tot de verbeelding te laten spreken. Mode is immers verleiding. Van Strien hecht daarbij veel waarde aan het delen van kennis: juist kleine ontwerpers kunnen relatief makkelijk nieuwe strategieën bedenken en testen, die vervolgens door de industrie kunnen worden overgenomen en uitgewerkt.

Maar ook aandacht voor het ambacht en voor kwaliteit kan helpen om mensen meer te laten hechten aan kledingstukken. Als ergens zorg aan is besteed krijgt het een grotere waarde. Daarnaast wordt door nieuwe digitale ontwikkelingen een betere pasvorm bereikbaar voor een groter publiek, ook een goed zittend kledingstuk betekent meer kwaliteit, meer waarde.

Groenenwegen stelt een soort leasecontracten voor, waarbij de kleding in bezit blijft van de ontwerper of producent. Zo wordt het interessant om kleding te maken die lang meegaat en die eenvoudig kan worden versteld of vermaakt.

Consumenten kunnen kiezen voor een ander gedrag, klinkt het ook uit het publiek: minder kleding kopen en in plaats daarvan kleding delen, huren of leasen. Kleding kan zo ontworpen en gemaakt worden dat ze makkelijk kan worden aangepast en veranderd. De esthetiek blijft veranderen, dat kun je niet stoppen, dus moet je zorgen dat die verandering onderdeel wordt van de kleding. Er vallen termen als cradle to cradle, multi purpose, multi functional en modularity.

Groenewegen ziet ook mogelijkheden in het ‘smarter’ maken van stoffen. Bijvoorbeeld door textiel te ontwikkelen dat fijnstof uit de lucht filtert. Kleding kan zonnecellen bevatten waarmee energie wordt opgewekt.

Verleiding

De grote vraag blijft echter: wat te doen tegen de goedkope kledingmerken zoals H&M, Zara en Primark, die voortdurend hun collecties vernieuwen? Hoe kun je zorgen dat mensen de verleiding weerstaan om voor zeer weinig geld hun tassen vol te stoppen? Het zou helpen als deze merken veel meer en eerlijker informatie verstrekken over de kleding die zij verkopen. Het woord educatie valt en ‘de politiek’: er zou strengere wetgeving moeten komen voor de kledingindustrie.

Want het is duidelijk dat er in de mode geen gebrek is aan alternatieve initiatieven, technieken en strategieën. Het ís mogelijk om mode ‘beter en groener’ te maken. Nu alleen nog de brede beweging in gang zetten die van deze ‘nieuwe waarden’ gemeengoed maakt.

De drukbezochte avond maakte onderdeel uit van een symposium over de hedendaagse mode-industrie en de uitdagingen waar deze voor staat op het gebied van ontwerp, productie en distributie. Georganiseerd in samenwerking met de Erasmus Universiteit, Willem de Kooning Academy, kenniscentrum Creating 010, innovatienetwerk ClickNL Next Fashion en het tijdschrift Glamcult.

 

Verslag Lotte Haagsma

Better and Greener Fashion actiepunten:

  • Leasing
  • Repairing
  • Restrict buying behaviour
  • Stimulate demand for cradle to cradle products
  • Build up from the yarn
  • Smart technology in clothing
  • Loose seasonal dictation
  • Modularity
  • Education
  • Make beautiful pictures
  • Social value
  • Tell stories
  • Inform on production chain
  • Government regulation on transparency
  • Bring back craftsmanship
  • Personalize the fit of clothing
  • Grow hemp
  • Produce locally
  • New production methods
  • New materials
  • Grow new materials