De laatste jaren heeft performance steeds meer waardering en momentum gekregen in het domein van de contemporaine kunsten. Geworteld in de jaren ’60 was de performance antwoord op een aantal fundamentele verschuivingen, waaronder de groeiende kritiek binnen de kunst op consumptie gerichte economieën, het opnieuw toeeigenen van het vrouwelijk lichaam binnen het feministisch discours en de verschuiving van een waardering voor het eindproduct naar een waardering voor het proces van het maken.

Een recenter fenomeen is performance in design. Tijdens de laatste editie van de Salone del Mobile, presenteerden zowel de KABK in Den Haag als ‘Dirty Art Department’ van het Sandberg Instituut tentoonstellingen, waarbij de kijker werd uitgenodigd de blik te verschuiven weg van het object, naar het handelende lichaam van de studenten en hun MacGuffins*. Studenten die de hun gegeven ruimte daadwerkelijk bewoonden en benutten in plaats van nog slechts symbolisch aanwezig te kunnen zijn naast het door hun ontworpen object op het voor hun ontworpen tentoonstellingsmeubel.

Eenzelfde beweging was ook te herkennen in de marges van eerdere edities van de Dutch Design Week, vaak geïnitieerd door studenten van de Design Academy Eindhoven. Dit accent op participatie biedt studenten – en zeker op deze jaarlijkse mega-events – letterlijk nieuwe bewegingsruimte, weg van een meer klassieke visie op design als een geformaliseerd proces tussen opdrachtgever, ontwerper en fabrikant. Als de ontwerper een speler wordt met en voor een publiek, wie is dan nog de maker, wie de gebruiker? Wat is het gereedschap en wat is het materiaal? Deze recente ontwikkeling van de ontwerper als speler stelt klassieke verwachtingen over design en de designer aan de orde en brengt de discipline op onverwachte wijze in beweging.

Off the record moet worden opgevat als een klassieke rapportage over de Salone del Mobile en de meest recente ontwikkelingen op andere academies in Nederland. Alleen ditmaal niet op basis van gefotoshopte beelden van sexy objecten. In plaats daarvan, gaat deze avond – gepresenteerd door Guus Beumer, Saskia van Stein (Bureau Europa) en Tamar Shafrir –  in op de verrassende opkomst van de performance als ontwerp. Verschillende (oud)studenten zijn uitgenodigd hun werk gedurende één avond opnieuw op te voeren binnen de context van Het Nieuwe Instituut. En juist op het moment dat het instituut zelf transformeert van het Tijdelijk Modemuseum naar een veelzijdig programma waarbij – in dit olympische jaar – het menselijk lichaam centraal staat. Naast het modieuze lichaam van het model en het competitieve lichaam van de atleet, opent het zelf ontworpen lichaam van de ontwerper als speler een nieuwe ruimte binnen het gedefinieerde domein van het designobject.

* dit begrip verwijst zowel naar de titel van een tijdschrift, geïnitieerd door Kirsten Algera en Ernst van der Hoeven over het wonderlijke leven van de dingen als naar de benaming – geïntroduceerd door Alfred Hitchcock -  van de wijze waarop een plot in gang wordt gezet, veelal door middel van een object.

Performances

Foreign Objects, Natasha Taylor (KABK, Den Haag), Regarding David, Philippine Hoegen (AKV St-Joost, Breda/ Den Bosch), Empty Orchestra, Urok Shirhan (Jan van Eyck, Maastricht), Treaties and gifts of shifting wills, Quinsy Gario (Universiteit van Utrecht), DE_SIGN, by Gabriel Anne Maher (Design Academy, Eindhoven), Heather & Rosetta by Kitty Maria and Élise Ehry (Dirty Art Department, Sandberg Instituut), EMGS (Experimental Movement and Gesture School), Balcony Performances #4, Aurélien Lepetit (Dirty Art Department, Sandberg Instituut).

De avond wordt gepresenteerd door Saskia van Stein (Bureau Europa), Guus Beumer en Tamar Shafrir (Het Nieuwe Instituut).

datum
20/05/2016
tijd
19:00 – 22:00
taal
Engels
 
locatie

Het Nieuwe Instituut
Museumpark 25
3015 CB Rotterdam

toegang

Gratis, RSVP